uitleg: Gisteren kregen we een aardige mail van Dr. László Marácz, universitair docent Europese Studies aan de Uva. We twijfelden of we het moeten plaatsen, omdat we cuntent nu eenmaal graag exclusief krijgen, en dr. Marácz een mailinglijst van 300 journalisten en persbureaus had. Maar we zijn tenslotte internet, aan ruimte geen gebrek en het is een zeer prettig tegenwicht tegen alle lof die Berend Botje nu ten deel valt in de vaderlandse pers. Marácz stelt dat Balkenende wel als de meest belachelijke figuur de geschiedenis in kan gaan, dankzij de buigzame houding van de minister van Buitenlandse Zaken Ben Bot. Reaguren kan uiteraard onder de comments.

Balkenende wordt de schertsfiguur van Europa

benbotje.jpg

Zondagavond bood het VPRO-programma Tegenlicht een kijkje achter de schermen van het Nederlandse EU-voorzitterschap. Centraal tijdens dit voorzitterschap stond de Turkse toetreding tot de Europese Unie. De hoofdpersoon in de reportage, de Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken Ben Bot sprak zowel in Tegenlicht als eerder op de dag in het discussieprogramma Buitenhof op een zelfgenoegzame toon over het bereikte resultaat tijdens de top in Brussel. Premier Balkende had direct na de top al termen als "historisch akkoord" in de mond genomen. Maar is dat wel zo?

Minister Bot gaf toe een inschattingsfout gemaakt te hebben: hij had verwacht dat de Turken het aanbod van Europa zonder tegenwerking zouden accepteren. Het blijft echter hoogst merkwaardig dat minister Bot, oud-ambassadeur voor Nederland in Ankara en Turkije-kenner zo’n "inschattingsfout" heeft gemaakt waardoor de start van de onderhandelingen over de Turkse toetreding bijna op losse schroeven kwam te staan. Zeker als je bedenkt – en dit toonden de beelden in Tegenlicht - dat Bot zijn Turkse ambtsgenoot Gül zeer regelmatig heeft gesproken in het afgelopen half jaar. Ze hebben toch wel meer gedaan dan alleen kookrecepten uitwisselen?

De Turken hebben géén inschattingsfout gemaakt. Zij begrepen dat Europa ze er graag bij wil hebben. De Turken speelden logischerwijs hoog spel en minister Bot heeft het hun niet bepaald moeilijk gemaakt. Bot had zijn onderhandelingspositie verzwakt omdat hij namens Europa maar bleef spreken van "fair play" in de Turkije-kwestie. De fair play waar Bot over sprak mag echter niet betrokken worden op de veertig jaar die Turkije aan het lijntje is gehouden. Turkije was volgens de Nederlandse minister al in 1963 het lidmaatschap beloofd. Bot ging er voor het gemak aan voorbij dat in 1963 de EU nog niet bestond, althans niet in deze vorm. Er waren toen nog maar zes landen lid en de Europese Gemeenschap was geen politieke unie maar een economisch samenwerkingsverband.

Kortom, Turkije heeft een optimaal onderhandelingsresultaat bereikt zonder dat het op wezenlijke punten concessies heeft moeten doen. Europa boog zelfs het internationale staatsrecht voor het gemak maar even om. Met recht een klinkende overwinning dus.

Turkije heeft nu geleerd dat het op elk punt zijn zin krijgt als het dreigt met het staken van de onderhandelingen. Er is geen andere conclusie mogelijk dan dat de EU de eigen toetredingscriteria ondergeschikt maakt aan hogere belangen en dat de Turken dit ook weten. Dit belooft weinig goeds voor de toekomstige onderhandelingen met Turkije.

Turkije hoeft voorlopig het deels bezette EU-lidstaatje Cyprus niet "direct" doch alleen "indirect" te erkennen. Bot was vol vertrouwen dat de Turken tot 3 oktober 2005, de beoogde startdatum van de onderhandelingen, Cyprus ook "formeel" zullen erkennen. Waarom zal de inschatting van Bot dit keer opeens wel de juiste zijn?

Bizar was dat Turkije-vriend Bot zelf in de Turkse politieke leiding geen echte democratische partners ziet. Bot noemde de Turkse premier Erdogan die de afgelopen weken in de media is neergezet als een Westers georiënteerde democraat juist een "echte pasja" die zijn hofhouding via hoofdknikjes instrueert. De verschillen in politieke cultuur konden nota bene door Bot zelf niet beter worden gekarakteriseerd.

Bot zei weinig over Europa maar zal Europa geen weerslag ondervinden van deze beslissing om een groot, arm land met een defecte democratie en een andere cultuur toe te laten tot de waarden- en normengemeenschap waar het bij lange na niet aan voldoet?

En dat alles vanwege de geostrategische ligging van Turkije. Dat was eigenlijk het enige serieuze argument dat Bot in 75 minuten televisie naar voren wist te brengen. Turkije grenst aan instabiele regio’s als de Kaukasus en het Midden-Oosten met de dreiging van de fundamentalistische islam die met behulp van het ingekapselde Turkije gestabiliseerd kunnen worden, luidt de argumentatie.

Het EU-scenario lijkt veel op dat van de appeasement politiek van de Britse premier Chamberlain die in 1938 op de top in München, Hitler te kennen gaf dat hij in Oost-Europa zijn gang mocht gaan. De invloedrijke Amerikaanse politicoloog Carroll Quigley heeft erop gewezen dat de groep rond premier Chamberlain bereid was om de Westerse waarden in Oost-Europa te offeren omdat zij in Nazi Duitsland de ideale dam zagen tegen expansie van de Sovjet-Unie dat als een gevaar voor het Westen werd gezien.

Bot moet nagegeven worden dat hij het diplomatieke spel meesterlijk speelt. Als het straks mis zal gaan – en Bot zei zelf dat die kans groot is - dan zal niet minister Bot maar premier Balkenende de geschiedenis ingaan als de Chamberlain van de 21-ste eeuw. Bot bleef namelijk in Buitenhof maar herhalen dat de top in Brussel en de uitkomsten ervan voor het allergrootste deel op conto van premier Balkenende geschreven moeten worden en niet op die van iemand anders.

Dr. László Marácz UD Europese Studies UvA

Terug naar GeenStijl.nl